Je staat er met een volle auto, drie kids die om de vijf minuten iets nodig hebben, en een stapel spullen die eigenlijk niet meer past. Dan denk je: die campingstoel moet écht kleiner. Of lichter. Of allebei.
▶Inhoudsopgave
Want laten we eerlijk zijn — wie heeft er nou ruimte voor een zakelijke tuinstoel in de kofferbak als je ook nog een tent, slaapzakken, een kampkeuken en opbergkratten mee wilt nemen?
Goed nieuws: je hoeft niet te kiezen tussen comfort en inpakken. De laatste jaren is er best wat gebeurd in de wereld van lichtgewicht campingstoelen. Maar niet alles wat licht is, is ook echt fijn om in te zitten. En niet alles wat compact opvouwt, houdt ook echt overeind als je kind er met een volle maag op ploft.
Waarom een lichtgewicht campingstoel echt anders is
Een gewone campingstoel uit de supermarkt weegt zo'n drie kilo, vouwt niet echt krap, en staat binnen een seizoen scheef. Een echte lichtgewicht stoel — van bijvoorbeeld Helinox, Outwell of Coleman — weegt soms nog geen een kilo.
En dan heb ik het nog niet eens over de ultra-compacte modellen die in een rugzakzak passen.
Maar hier zit het verschil: bij een goede lichtgewicht stoel draait alles om de balans tussen gewicht, stevigheid en zitcomfort. Het frame is vaak van aluminium of zelfs duraluminium, de stoelvloer van ademend gaas of stevig polyester, en de vouwmechanismen zijn zó ontworpen dat je er in seconden mee klaar bent. Geen gehobbel met stokken en doeken meer.
Wat me opvalt is dat veel mensen denken dat licht = kwetsbaar. Dat hoeft helemaal niet. De Helinox Chair One, bijvoorbeeld, weegt 890 gram en tolereert tot 120 kilo. Dat is geen dun stukje speelgoed — dat is een stoel die zijn werk doet, ook als je er na een dag wandelen lekker in wegzakt.
Compact inpakken: hoe klein moet het?
Dit hangt af van hoe je reist. Fietsvakantie? Dan wil je iets dat aan je bag vast zit.
Met de auto naar Zweden? Dan mag het wat groter zijn, zolang het maar stapelbaar is.
En met kids in de achterbank? Dan weet je: elke centimeter telt. De meeste lichtgewicht stoelen pakken op tot zo'n 35 bij 10 centimeter.
Dat is kleiner dan een broodtrommel. Sommige modellen, zoals de Helinox Sunset Chair, zijn zelfs nog compacter. Andere merken, zoals Outwell en Coleman, bieden stoelen die iets zwaarder zijn — tussen de 1,5 en 2,5 kilo — maar daarvoor krijg je een breder zitje, armleuningen, en vaak een bijzakje aan de zijkant. Eerlijk gezegd?
Voor een gezin met jonge kinderen zou ik niet per se voor het allerkleinste model gaan.
Die ultra-lichte stoelen zijn fantastisch voor backpackers, maar als je 's avonds met z'n vijven rond het vuur zit, wil je toch iets zitten waar je even lekker in kunt wegzitten. Niet constant overeind gehouden door dunne stokjes.
Armleuningen: ja of nee?
Dat is de vraag. Armleuningen maken een stoel zwaarder en iets minder compact. Maar ze maken het ook makkelijker om op te staan — iets wat je als ouder sneller nodig hebt dan je denkt.
Outwell heeft een aantal modellen met afneembare armleuningen, wat een mooi compromis is.
Je gebruikt ze als je ze wilt, en laat ze thuis als je ruimte nodig hebt.
Comfort: het verschil zit in de details
Een stoel mag dan zo licht en compact zijn — als je er na tien minuten krijszit, heb je er niets aan.
En hier maken veel goedkope stoelen de fout: te smal, te laag, of met een zitvlak dat je rug niet steunt. Let bij kopen op een paar dingen. Ten eerste: de hoogte van de zit. Een stoel die te laag zit, is fijn voor kinderen maar een nachtmerrie voor wie last heeft van knieën.
Ten tweede: de rugsteun. Ruggen die tot schouderhoogte steunen, voelen anders aan dan modellen die alleen je onderrug vasthouden.
En ten derde: de stoelvloer. Gaas is luchtig in de zomer, maar in het voorjaar of najaar wil je misschien iets warmer.
Sommige merken bieden dan ook uitneembare zitkussens of isolerende onderleggers. Dat vind ik trouwens het mooiste aan de huidige generatie campingstoelen: ze zijn niet meer één-dimensionaal. Je kunt ze aanpassen aan de situatie. Of je nu kiest voor een comfortabele campingstoel met hoge rug of een lage variant, het hoeft niet meer per se basic te zijn. Een extra voetenbank erop, een warmte-eronder, een bijzakje voor je boek — het kan allemaal.
Welke stoel past bij jouw manier van kamperen?
Even helder zijn over wat je zoekt maakt het kiezen een stuk makkelijker.
Hier een paar scenario's: Weekendjes weg met het gezin: Kies voor een stoel tussen de 1,5 en 3 kilo met een stabiel frame en brede zit.
Denk aan modellen van Coleman of Outwell. Die overleven ook nog eens een nacht buiten in de regen. Fiets- of autovakantie: Ga voor alles onder de 1,5 kilo. Helinox en Decathlon (hun Forclaz-lijn) hebben hier sterke opties.
Compact, licht, en toch best comfortabel. Langere tochten met rugzak: Hier geldt: hoe lichter, hoe beter.
De Helinox Chair Zero weegt amper 550 gram. Ja, hij is prijzig. Maar als je vijf dagen lang alles op je rug draagt, weet je waarom.
Strand of pickniek: Een lage strandstoel is hier ideaal. Die zit dicht bij de grond, is makkelijk mee te nemen, en staat goed op zand. Let wel op de pootjes — die moeten breed genoeg zijn om niet weg te zakken.
Een paar merken die het waard zijn om te kennen
Als je twijfelt tussen deze twee merken, lees dan onze Helinox vs Outwell campingstoelen vergeleken gids. Helinox is onbetwist koning als het om gewicht gaat, terwijl Outwell scoort op comfort en duurzaamheid.
Coleman biedt de beste prijs-kwaliteitverhouding, vooral voor gezinnen. Vango heeft een paar fijne budgetmodellen die verrassend stevig zijn.
En Decathlon — ja, die mag je niet onderschatten. Hun Forclaz-campingsstoelen zijn niet de mooiste, maar ze doen wat ze moeten doen, en dat voor een eerlijke prijs. Wat ik zelf merk is dat de middensegment — tussen de 40 en 80 euro — tegenwoordig best goed is.
Je hoeft niet per se 150 euro uit te geven voor een stoel die meegaat. Maar onder de 20 euro? Dan loop je risico op een frame dat scheeft staat na twee keer gebruik, of een stoelvloer die scheurt als je kind er wat harder op gaat zitten.
De laatste meter
Een campingstoel is geen van de spullen waar je als eerste aan denkt als je de uitrusting gaat kopen. Maar het is precies het ding dat je 's avonds, bij een kop koffie of een biertje bij het kampvuur, toch echt mist als je het niet hebt.
Zitten op een blik, een boomstam, of je slaapzak — het kan even. Maar na een dag in de natuur wil je gewoon: leunen, ademen, genieten. Kies iets dat past bij jouw manier van reizen.
Niet te zwaar, niet te groot, en vooral: comfortabel genoeg om er echt in te blijven zitten.
Want dat is het hele punt van kamperen, toch? Even nergens heen hoeven, en gewoon zitten.